|
Een artikel over De analogie tussen DNA en computertaal.
Wat is DNA?DNA of Desoxyribonucleďnezuur is eenvoudig gezegd de drager van het erfelijk materiaal én het is de drager van stuurinformatie voor celprocessen. DNA is opgebouwd uit twee hele lange ketens van eiwitten die paarsgewijs in een dubbele spiraal tegenover elkaar aan elkaar verbonden zijn. Zo’n dubbele keten zou je kunnen vergelijken met een ritsluiting: ieder stukje heeft een eigen partner in de andere keten. Bij de voortplanting wordt van de ritsluiting gebruikt gemaakt: in de mannelijk en vrouwelijke voorplantingscellen zit telkens maar één helft van de DNA-ketens. Als de bevruchting plaatsvindt, dan worden de ketens van de mannelijke en vrouwelijke cel aan elkaar “geritst” en het genetisch materiaal van de ouders wordt gemengd. Dan is er een bevruchte eicel ontstaan, die zich gaat delen: een nieuw leven is aan het ontstaan. Al jaren wordt er aan gewerkt om het –menselijk– erfgoed, het genoom in kaart te brengen. Er wordt gezocht naar de betekenis van de code die het DNA vormt. Af en toe klinken er juichende berichten dat er weer een mijlpaal is bereikt. Toch is er meer onduidelijk dan duidelijk. Daar is een reden voor. We kijken naar een “taal” die we niet kennen, en die we op die manier ook niet kunnen leren. We kunnen hooguit primitief ontcijferen. Maar daarover later meer. ComputertaalToen ik me in 1984 voor computertaal begon te interesseren, leerde ik dat er opdrachten waren om in een bestaand computersysteem waarden te veranderen. Daarvoor werden de termen Peek en Poke gebruikt: met Peek kon je op een bepaalde plek “kijken” en met Poke kon je iets veranderen. De Engelse term Poke is voor de ouderen nog herkenbaar: met een pook kon je in een kachel in het vuur morrelen … De schrijfwijze daarvoor was Peek “plekje” en Poke “plekje; waarde”. Ik vond het boeiend om gewoon iets te veranderen en vond de gedachte dat er 65000 plekjes of ook adressen waren om iets mee te doen fascinerend. Sommige adressen bepaalden de kleur van het beeldscherm, andere produceerden een piepje. Als je op een bepaalde plek een “verkeerde” waarde zette, dan liep de computer vast. Het bleek niet gemakkelijk om iets zinnigs te doen zonder een goede adreslijst. De “adreslijst” was de documentatie die over die computer bestond. Degene die de computer had gemaakt, kende de adressen en wist welke functie waar huisde. DNA en ComputergeheugenJe kunt een primitieve vergelijking tussen het computergeheugen en het DNA maken: immers ook in het DNA liggen functies opgeslagen en ook in het DNA zijn er vaste plekken voor elke functie.
Een ander aspect dat mank gaat is, dat de Commodore 64 die ik hier eerder noemde 65.000 adressen had en alleen al het 1e chromosoom van het menselijk DNA 220.000.000 genenparen. Dat is 3300 keer zoveel! Evolutie, geleidelijke verbeteringDe evolutie-theorie leert dat levensvormen stapje voor stapje zijn veranderd en verbeterd. Deze verbeteringen moeten in het erfelijk materiaal plaatsvinden, omdat immers een verbetering in de soort pas tot uiting kan komen in het nageslacht; als de verbetering reproduceerbaar is geworden. Veranderingen in het DNA kunnen eigenlijk alleen tot stand komen door wat “mutaties” genoemd worden. Het is zeer beslist niet zo, dat fysieke veranderingen in een “gerealiseerd lichaam” terug kunnen vloeien in het erfelijk materiaal: een afgehakte staart die “nuttig” zou blijken verdrijnt niet gedurende enkele generaties uit het erfelijk materiaal. Wat is een mutatie? In de DNA keten worden soms bij het reproduceren/kopiëren “fouten” gemaakt. Stel ergens in de DNA keten komt de reeks DAABE voor. Na de kopieerslag staat er nu plotseling BEEBE. Een dergelijke fout kan leiden tot andere erfelijke eigenschappen. Zulke veranderde eigenschappen zouden de basis voor verbeteringen kunnen zijn
|
|
Stap 1 Programmeertaal In dit geval de programmeertaal “C”, met het programma dat meestal in les 1 voor programmeurs gemaakt wordt. Het programma drukt een tekst af op het beeldscherm: Hello World ;-) |
|
|
Stap 2 Machinetaal In dit geval voor een windowsPC |
|
|
Stap 3 Resultaat De tekst “Hello World ;-)” wordt afgebeeld |
|
En volgt u de analogie:
|
Stap 1 Programmeertaal In dit geval het woord van God, een stukje uit Genesis |
|
|
Stap 2 Machinetaal De chromosomen, gevormd door DNA |
|
|
Stap 3 Resultaat |
|
Ik denk dat het erfelijk materiaal de machinetaal van de taal van God is. In Genesis staat dat God zei “Er zei licht” en er was licht.
In Vers 24 van Genesis 1: “En God zeide: Dat de aarde voortbrenge levende wezens naar hun aard, vee en kruipend gedierte en wild gedierte naar hun aard; en het was alzo.”
Gods bedoeling door Zijn woord volledig tot uitdrukking gekomen. Zoals een programmeur woorden gebruikt om iets tot stand te brengen in een computer, zo heeft ook God woorden gebruikt om de schepping tot stand te brengen. Het DNA is het resultaat van de woorden van God, het is de manier waarop Zijn woorden vorm en vastigheid hebben gekregen.
Om de levende wezens gebruik te laten maken van licht heeft Hij ze ogen gegeven. De toevoeging “naar hun aard” geeft aan dat Hij daarin gevarieerd heeft.
De adelaar kan kijken met een ontzagwekkende scherpte in een klein blikveld, de kameleon kan zijn beide bolle ogen zó draaien dat hij een blikveld van 360 graden heeft. Honden en katten kunnen geen kleuren zien. Vliegen met hun facetogen zien weliswaar vaag, maar zijn toch moeilijk te pakken te krijgen.
Er is, zo geloof ik, geen sprake van evolutie van allerlei vormen, die alleen maar tot stand zou hebben kunnen komen als er ook per soort tientallen miljoenen “mislukte trajecten” zouden zijn geweest, maar God heeft binnen strakke grenzen variëteit voorbereid.
De grens tussen soorten wordt onder andere bepaald door “de ritssluiting”. Er vindt geen voortplanting tussen soorten plaats: de rits gaat gewoon niet dicht, tenzij met geweld. Een olifant kan niet gekruist worden met een baviaan en een vlieg niet met een ooievaar. Een kat niet met een hond. Een paard en een ezel wel, maar de nakomelingen zijn onvruchtbaar: de ritsluiting is kapot.
Hoe is het Woord van God tot materie geworden? In termen van de analogie zou je de vraag kunnen stellen: wat is de compiler die God gebruikt heeft.
Ik denk dat het de Heilige Geest is. De Kracht van God.
In dit document zijn verschillende bronnen gebruikt, met name Wikipedia en de Bijbel
Hans Hagemann